Overslaan en ga direct naar de inhoud

Enterococcus Faecalis

Enterococcus faecalis is een gram-positieve, melkzuurvormende bacterie en duikt ook geregeld op in omgevingen waar “darmflora” makkelijk terechtkomt, zoals water, bodem, slib, en soms ook in grondstoffen en productielijnen binnen de voedingsindustrie.

De nuttige kant van Enterococcus faecalis:

"Enterococcus-soorten, met name E. faecium en E. faecalis, komen frequent voor in mediterrane kazen zoals buffel mozzarella, feta en worsten zoals salami, voornamelijk als gevolg van contaminatie via rauwe melk, productieomgevingen en onvoldoende pasteurisatie. Hoewel sommige stammen technologische eigenschappen vertonen die kunnen bijdragen aan smaakvorming. Zijn enterococcen niet intentioneel toegevoegd als starterculturen vanwege ernstige veiligheidszorgen aangezien de bacterie ook het fermentatieproces (1) overleeft, waarna het een besmettingsrisico kan zijn. 


Waar zorgvuldig geselecteerde E. faecium-stammen in bepaalde gevallen nuttig kunnen zijn, wordt E. faecalis in voedingsmiddelen meestal als ongewenst beschouwd.(2) Ook produceren sommige E. faecalis-stammen bacteriocinen (enterocinen): kleine antimicrobiële peptiden die de groei van bepaalde andere bacteriën kunnen remmen, inclusief relevante voedselpathogenen in experimentele settings.

De schaduwkant van Enterococcus faecalis:

In een voedselverwerkende omgeving gedraagt Enterococcus faecalis zich vaak niet als “losse” bacterie, maar als een oppervlaktebewoner. Zodra cellen zich hechten aan materialen zoals roestvrij staal, kunststof of rubber, kunnen ze een biofilm opbouwen. (3)

Een biofilm kan bij flow, drukwisselingen of trillingen micro-organismen loslaten. Dat leidt tot contaminatie ná een pasteurisatie- of hitte-stap, of tot onverwachte stijgingen in kiemgetallen in producten die normaal stabiel zijn. Die variabiliteit is funest voor procescontrole: de ene batch is prima, de volgende heeft “mysterieuze” afwijkingen (3)


Enterococcen zijn melkzuurbacteriën en kunnen in sommige matrices bijdragen aan verzuring of interacties met andere flora, waardoor smaak/zuurtegraad en textuur minder voorspelbaar worden. In rijpingsproducten kan dat doorschieten in afwijkende aroma’s of ongewenste fermentatie-activiteit, zeker wanneer E. faecalis niet een bewust en gecontroleerd onderdeel is van de cultuur.

Waarom is de voordelen van in-situ desinfectie met HOCl

In de praktijk is reinigen alleen vaak niet genoeg om E. faecalis onder controle te houden. Zolang er productresten, vetten of eiwit films aanwezig zijn, kunnen bacteriën zich blijven hechten en kan biofilm zich blijven vormen. 

Wanneer HOCl in-situ wordt geproduceerd kan dat in een voedselomgeving een aantal voordelen geven:

  • Constante beschikbaarheid en versheid: HOCl-oplossingen zijn niet altijd lang stabiel; met een in-situ productie heeft u altijd vers product waar nodig.Ons product is daarom niet afhankelijk van langdurige opslag.
  • Consistente bestrijding van biofilm: Door het continu te desinfecteren zorgt HOCl dat biofilm niet alleen verwijderd wordt maar voorkomt ook dat het terug groeit.
  • Effectieve desinfectie met een middel dat niet op de lijst van gevaarlijke stoffen staat: Omdat ons desinfectiemiddel in zulke lage concentraties ingezet wordt, is het niet opgenomen in de gevaarlijke stoffen lijst
  • Geen opslag van gevaarlijke chemicaliën: Doordat het product op locatie wordt geproduceerd hoeven er geen chemicaliën opgeslagen te worden.

Watter: de bewezen effectieve biofilm oplossing

  • Effectief in lage concentraties: Watter’s HOCl is al effectief bij zeer lage concentraties aan middel. In vergelijking met natriumhypochloriet kan er veel lager gedoseerd worden voor een gelijke effectiviteit. (4)
  • Getest tegen biofilm: Het HOCl van Watter is getest volgens EN 17126 tegen de bestrijding van biofilm in proceswater
  • Effectief tegen verscheidene virussen, bacteriën, gisten en schimmels: Het desinfectiemiddel van Watter is grondig getest en bewezen effectief tegen bacteriën, virussen, gisten, schimmels en in watersystemen. De werking is bevestigd volgens internationale normen: EN 1276 voor bacteriën, EN 1650 voor gisten en schimmels, EN 14476 voor virussen en EN 13623 voor watersystemen.

Bronnen:

  1. Samelis, J., Metaxopoulos, J., Vlassi, M., & Pappa, A. (1998). Stability and safety of traditional Greek salami: A microbiological ecology study. International Journal of Food Microbiology, 44(1–2), 69–82. https://doi.org/10.1016/S0168-1605(98)00124-X (pubmed.ncbi.nlm.nih.gov)
  2. Shadique, S. A., Ferdous, F. B., Ashraf, M. N., Rimi, S. S., Kabir, M., Rahman, M. T., & Islam, M. S. (2025). Food safety threats: Molecular surveillance, antibiogram and virulence profiling of biofilm-forming Enterococcus faecalis in Bangladeshi restaurants. MicrobiologyOpen, 14(6), e70157. https://doi.org/10.1002/mbo3.70157 (pubmed.ncbi.nlm.nih.gov)
    • LaPointe, G., Wilson, T., Tarrah, A., Gagnon, M., & Roy, D. (2025).
    Biofilm formation in dairy: A food safety concern—Microbial community tracking from dairy farm to factory; Insights on biofilm management for enhanced food safety and quality. Journal of Dairy Science, 108(8), 8101–8119. https://doi.org/10.3168/jds.2024-25397
  3. Tsai, C.-F., Chung, J.-J., Ding, S.-J., & Chen, C.-C. (2024). In vitro cytotoxicity and antibacterial activity of hypochlorous acid antimicrobial agent. Journal of Dental Sciences, 19(1), 345–356. https://doi.org/10.1016/j.jds.2023.07.007 (pmc.ncbi.nlm.nih.gov)